Puppy tanden wisselen: wat normaal is, en wanneer je naar de dierenarts gaat
Wanneer de melktanden wisselen, wat je ziet als het goed gaat, hoe je een melktand herkent die blijft zitten, waarop je pup veilig kauwt, en wat het gebit wel en niet zegt over zijn leeftijd.
In dit artikel
Wij zijn hondenverzorgers, geen dierenarts. Dit is algemene informatie; overleg altijd met je eigen dierenarts.
Wanneer wisselt een puppy zijn tanden?
Het wisselen begint met ongeveer 3,5 tot 4 maanden, als de melksnijtanden plaatsmaken voor blijvende snijtanden. Met 6 tot 7 maanden hebben de meeste pups een volledig volwassen gebit. Reken wel op een marge per hond: volgens de Universiteit Utrecht beïnvloedt de grootte van de hond wanneer het wisselen begint en hoe lang het duurt.
Een pup wordt geboren zonder zichtbare tanden. Rond drie weken breken de eerste melktanden door, en met 6 weken staan ze er normaal gesproken allemaal: 28 melktanden in totaal. Het volwassen gebit telt 42 tanden. Hoe het in de tussentijd verloopt, en wat jij per fase doet, zie je in de tabel.
| Leeftijd | Wat er gebeurt | Wat jij doet |
|---|---|---|
| Rond drie weken | De eerste melktanden breken door | Nog niets: je pup woont nog niet bij jou |
| Rond 6 weken | Het melkgebit van 28 tanden is normaal gesproken compleet | Nog niets: je pup woont nog niet bij jou |
| 3,5 tot 4 maanden | De melksnijtanden worden vervangen: het wisselen begint | Leg kauwspeelgoed klaar, kijk elke week in zijn bek en wen hem eraan dat je zijn lippen optilt |
| 6 tot 7 maanden | De meeste pups hebben hun volwassen gebit van 42 tanden | Controleer of er nergens nog een melktand naast een blijvende tand staat |
| Zeven à acht maanden | Tot deze leeftijd raadt VCA de wekelijkse controle aan | Twijfel je nog ergens over, laat dan je dierenarts kijken |
Leeftijden volgens VCA Animal Hospitals. Het Animal Medical Center in New York noemt voor de blijvende tanden een periode van 3 tot 7 maanden, dus houd per hond een marge aan. De kolom 'Wat jij doet' is ons eigen advies.
Kleine rassen
Op welk moment een melktand uitvalt en de blijvende tand doorkomt, is volgens het Merck Veterinary Manual, een naslagwerk voor dierenartsen, erfelijk bepaald. Sommige rassen, vooral kleine rassen zoals de Maltezer, hebben aanleg voor tanden die laat of niet volledig doorkomen. Heb je een klein ras, let dan extra goed op. Zie je na het wisselen ergens een gat, of komt een tand maar half door, laat dan je dierenarts kijken.
Hoe merk je dat je puppy tanden wisselt?
Vooral aan het kauwen: bijna elke pup krijgt tijdens het wisselen een sterke drang om te kauwen. Daarbij kan hij meer kwijlen, minder gretig eten en wat prikkelbaar zijn door een gevoelige bek. Een paar bloedvlekjes op een speeltje en melktandjes die je nooit terugvindt, horen er ook bij.
- Kauwen op alles. Dat is geen ongehoorzaamheid: het hoort bij het wisselen.
- Kwijlen en minder eetlust. Zijn bek is gevoelig, dus hij eet misschien wat minder gretig.
- Een beetje bloed. Bloed op het tandvlees, de lip of de tong is normaal als een pup zijn melktanden verliest.
- Een aparte geur uit zijn bek. Die 'puppyadem' hoort bij het wisselen en blijft zolang het wisselen duurt.
- Tandjes die verdwijnen. Vaak slikt je pup een losse melktand in tijdens het eten. Dat kan geen kwaad.
Wat is niet normaal bij het tanden wisselen?
Twee tanden op dezelfde plek. Blijft een melktand zitten terwijl de blijvende tand er al naast doorkomt, dan heet dat een persisterende melktand. De nieuwe tand kan daardoor scheef doorgroeien, en tussen de twee tanden blijft voedsel hangen. Laat het zo snel mogelijk door je dierenarts bekijken, ook als je pup er geen last van lijkt te hebben.
Het gebeurt het vaakst bij de bovenste hoektanden, daarna bij de onderste hoektanden en dan bij de snijtanden. Het komt vaker voor bij kleine rassen en bij kortsnuitige rassen zoals de bulldog, de mopshond, de Boston terriër en de boxer. Het zit ook vaak in families, wat kan wijzen op erfelijke aanleg.
Een melktand die blijft zitten, neemt de plek in van de blijvende tand. Die groeit dan in een verkeerde stand, en je pup krijgt een afwijkende beet. Tussen de opeengepakte tanden hoopt zich voedsel en tandplak op, wat kan leiden tot tandsteen, ontstoken tandvlees en uiteindelijk tandverlies. Blijft een onderste melkhoektand zitten, dan groeit de blijvende hoektand aan de binnenkant door, met de punt meestal richting het gehemelte.
Waarom je niet wacht tot de castratie
Het is verleidelijk om het weghalen van een melktand te combineren met een castratie of sterilisatie later. VCA raadt dat in de meeste gevallen af. Een melktand die op tijd wordt verwijderd, geeft de blijvende tand meestal de kans om alsnog op zijn plek te groeien. Wacht je te lang, dan is de kans klein dat dat nog lukt zonder orthodontische behandeling. Het trekken gebeurt onder volledige narcose; je dierenarts bespreekt met je wat in jouw geval nodig is.
Wil je later met je hond fokken en is er bij hem een melktand blijven zitten, vertel dat dan aan je dierenarts. Omdat de meeste persisterende melktanden erfelijk zijn, schrijft het Merck Veterinary Manual dat dieren met dit probleem niet voor de fok gebruikt moeten worden, tenzij vaststaat dat letsel de oorzaak was.
Hoe controleer je het gebit van je puppy thuis?
Kijk elke week even in de bek van je pup, tot hij ongeveer zeven à acht maanden oud is. Til rustig zijn lippen op, bekijk eerst de voortanden en dan de hoektanden, en zoek naar plekken waar twee tanden naast elkaar staan. Houd het kort en beloon hem na afloop met iets lekkers of een spelletje.
- 1Kies een rustig moment. Bijvoorbeeld na een wandeling, als je pup moe is en op schoot of naast je ligt.
- 2Begin bij de voortanden. Til de bovenlip op en trek de onderlip voorzichtig omlaag. Hier begint het wisselen, en hier zie je de eerste losse tandjes.
- 3Bekijk de bovenste hoektanden. In de bovenkaak komt de blijvende hoektand vóór de melktand door, aan de kant van de neus. Een dubbele hoektand ziet er dan uit als een bredere, stompere tand met daarachter een smallere, spitse tand.
- 4Bekijk de onderste hoektanden. In de onderkaak komt de blijvende hoektand aan de kant van de tong door. De smalle, spitse melktand staat dan aan de kant van de lip.
- 5Maak een foto als je twijfelt. Dan kan je dierenarts meekijken, en zie je zelf van week tot week of er iets verandert.
Die wekelijkse blik in zijn bek is meteen een goede oefening: zo went je pup eraan dat je hem aanraakt. Een pup die rustig blijft als je zijn lip optilt, vindt het later bij de dierenarts ook minder spannend. Meer over zulke rustige kennismakingen lees je in ons stuk over puppy socialisatie.
Waar mag een puppy op kauwen als hij tanden wisselt?
Op speelgoed dat voor pups gemaakt is en waar hij geen stukken af kan bijten. Harde speeltjes, nylon kauwbotten, koeienhoeven en ijsblokjes kunnen de tanden beschadigen. Botten, gekookt of niet, zijn ook te hard en kunnen de darmen beschadigen als hij ze inslikt. Kou mag wel: kies dan een rubberen bijtspeeltje dat in de vriezer kan.
| Liever niet | Waarom | Kies in plaats daarvan |
|---|---|---|
| Harde speeltjes en nylon kauwbotten | Kunnen de tanden beschadigen | Een rubberen bijtspeeltje voor pups |
| IJsblokjes | Kunnen de tanden beschadigen | Een rubberen bijtspeeltje dat in de vriezer kan |
| Koeienhoeven | Kunnen de tanden beschadigen | Een eetbare bijtring voor pups |
| Botten, gekookt of niet | Te hard; kunnen tanden en darmen beschadigen | Kauwspeelgoed met een smaakje voor pups |
| Takken en stokken | Kunnen gevaarlijk zijn, ook al kauwen veel pups erop | Neem op een wandeling door de duinen of het bos zijn eigen bijtspeeltje mee |
| Speelgoed dat uit elkaar valt | Je pup mag er geen brokken, vezels of vulling uit kunnen halen | Controleer speelgoed regelmatig en gooi het weg als het kapotgaat |
Bronnen: VCA Animal Hospitals (wat liever niet) en de American Kennel Club (de alternatieven, takken en kapot speelgoed). De wandeltip is van ons. Blijf er altijd bij als je pup kauwt of speelt, zoals de American Kennel Club adviseert.
Leg het kauwspeelgoed op plekken waar je er snel bij kunt. Pakt je pup een stoelpoot of je schoen, ruil die dan zonder gedoe in voor iets wat wel mag, en prijs hem zodra hij daarop kauwt. Pakt hij in deze periode vaker je handen? Hoe je dat aanpakt zonder straf, lees je in puppy bijten afleren.
Gaat je pup overdag naar een oppas of de hondendagopvang, geef dan zijn eigen kauwspeeltje mee en vertel dat hij aan het wisselen is. Dan weet de verzorger waarom hij meer knaagt, en kan die je laten weten als er iets opvalt.
Kun je aan de tanden zien hoe oud een puppy is?
Ja, als hij al aan het wisselen is. De faculteit Diergeneeskunde van de Universiteit Utrecht ontwikkelde een methode om de leeftijd van pups te schatten op basis van hun gebit. Maar veel pups beginnen pas na 15 weken met wisselen. Bij een pup die nog niet wisselt, zie je dus niet of hij jonger is dan 15 weken.
Die 15 weken zijn de minimumleeftijd voor een pup uit een ander EU-land. Volgens de NVWA moet een pup bij zijn eerste rabiësvaccinatie minstens 12 weken oud zijn, en moet die vaccinatie minstens 21 dagen voor vertrek gegeven zijn. Een pup uit een ander EU-land mag daarom pas vanaf 15 weken (105 dagen) Nederland in. Jaarlijks komen er ongeveer 50.000 honden ons land binnen, voor een groot deel pups. Dierenartsen en handhavers krijgen regelmatig te maken met fraude met paspoorten en met pups die te jong zijn ingevoerd.
Voor het onderzoek stuurden eigenaren vanaf 10 weken op twee vaste dagen per week een foto van het gebit van hun pup, tot alle melksnijtanden gewisseld waren. In totaal begonnen 980 pups aan de studie; pups uit het buitenland deden niet mee. Bij 227 pups lukte het de eigenaar niet om foto's te maken; zij stopten met het onderzoek. Van 8 honden kon het volwassen gewicht niet worden ingeschat; die vielen buiten de analyse. Uit het onderzoek blijkt dat je aan het wisselen van de melksnijtanden de leeftijd van een pup kunt schatten, als je rekening houdt met het ras.
Toch kan de NVWA de methode niet als formeel handhavingsinstrument gebruiken, juist omdat zoveel pups pas later gaan wisselen. Wel kan ze het rapport gebruiken als pups na een overtreding in bewaring zijn genomen, om tegenover het land van herkomst te onderbouwen dat een dier te jong was.
Wat je als koper zelf kunt nakijken
Koop je een pup die uit het buitenland komt, dan zeggen de tanden dus weinig. Het paspoort zegt meer. Dit kun je zelf controleren:
- 1Het paspoort. Een hond uit een ander EU-land heeft een Europees dierenpaspoort, afgegeven door een dierenarts.
- 2De chip en de vaccinatie. Volgens de NVWA moet de pup gechipt zijn vóór of op de dag van zijn eerste rabiësvaccinatie.
- 3De data naast elkaar. Tel vanaf de geboortedatum: bij een pup uit een ander EU-land hoort de eerste rabiësvaccinatie op minstens 12 weken te staan, en mag de pup pas minstens 21 dagen daarna vertrekken. Klopt dat niet, of ontbreken er data, koop dan niet.
- 4Je eigen dierenarts. Neem het paspoort mee naar de eerste controle. Je dierenarts kan de data met je nalopen en meteen het gebit nakijken. Twijfel je of een pup echt in Nederland geboren is, laat je dierenarts dan ook meekijken.
Veelgestelde vragen over tanden wisselen bij een puppy
Liever niet. Een melktand die normaal wisselt, valt vanzelf uit, en vaak slikt je pup hem gewoon in. Blijft een melktand zitten terwijl de blijvende tand er al naast staat, laat dan je dierenarts kijken. Volgens VCA is trekken door de dierenarts dan de beste behandeling, tenzij de melktand al heel los zit.
Nee. Losse melktanden worden vaak tijdens het eten ingeslikt, en volgens VCA Animal Hospitals en het Animal Medical Center kan dat geen kwaad. Vind je dus nooit een tandje op de vloer, dan is dat geen reden tot zorg. Kijk wel elke week of de blijvende tanden goed doorkomen.
Zodra je twee tanden op de plek van één tand ziet, als een onderste hoektand naar binnen groeit, als je pup moeite heeft met eten, of als er na het wisselen een tand lijkt te ontbreken. Kijk tot je pup zeven à acht maanden is elke week even in zijn bek, dan zie je het op tijd.
Kleine rassen en kortsnuitige rassen. VCA noemt naast de bulldog, de mopshond, de Boston terriër en de boxer ook de chihuahua. Het komt bovendien vaak binnen families voor. Koop je een pup van een fokker, vraag dan gerust of het bij de ouders of bij eerdere nesten is voorgekomen.
Die typische 'puppyadem' hoort bij het wisselen, schrijft VCA, en blijft zolang het wisselen duurt. Ruikt zijn adem nog sterk als al zijn blijvende tanden er zijn, of zie je rood of gezwollen tandvlees, laat dan je dierenarts naar zijn bek kijken.
Liever niet. VCA noemt ijsblokjes, net als harde speeltjes, nylon kauwbotten en koeienhoeven, als iets wat de tanden kan beschadigen. Wil je de kou gebruiken, leg dan een rubberen bijtspeeltje in de vriezer. De American Kennel Club noemt dat een goede optie. Blijf erbij terwijl hij kauwt.
Bronnen
Voor dit artikel gebruikten we:
- Universiteit Utrecht — Nieuwe methode om leeftijd van pups te bepalen
- VCA Animal Hospitals — Persistent Deciduous Teeth (Baby Teeth) in Dogs
- VCA Animal Hospitals — Why Does My Puppy Still Have Baby Teeth
- Merck Veterinary Manual — Developmental Abnormalities of the Mouth and Dentition in Small Animals
- The Animal Medical Center (New York) — Deciduous (Baby) Teeth in Pets
- American Kennel Club — Puppy Teething and Nipping: A Survival Guide
- NVWA — Travelling from EU countries to the Netherlands with your cat or dog
Lees ook
Hulp nodig met je pup overdag?
Vertel ons hoe jullie week eruitziet en wat je pup nodig heeft, dan kijken we samen of en hoe we kunnen helpen. De kennismaking is gratis.
Plan een gratis kennismaking
